Bijbelse vrouwen: Ruth

Ruth

Ruth was een Moabitische, zij was getrouwd met de zoon van Elimelek en Noömi. Dit gezin was naar Moab verhuisd toen er hongersnood was in Israël. Het noodlot sloeg toe in de familie. Op korte tijd stierven de man van Noömi en haar twee zonen Machlon en Kiljon, die beiden met Moabitische vrouwen getrouwd waren, Orpa en Ruth. Zo bleven alleen Noömi en haar beide schoondochters achter.

Wanneer ze vernamen dat er terug voldoende voedsel was in Israël, besloten ze terug te keren. Terwijl de ene schoondochter in haar eigen land bleef, besloot Ruth om met haar schoonmoeder mee te gaan naar het voor haar onbekende Israël.

Daar ontmoette Ruth een nieuwe man, Boaz, en huwde met hem. Het kind dat werd geboren noemde ze Obed. Zijn kleinzoon was David, die koning van Israël zou worden. David had een goede relatie met God die hem een man naar Zijn hart noemde.

Ruth is ook één van de voorouders van de Heere Jezus en opgenomen in Zijn geslachtsregister.

Ziet u mij?

Jezus ging Jericho in en trok door de stad. Er was daar een man die Zacheüs heette, een rijke hoofdtollenaar. Hij wilde Jezus zien, om te weten te komen wat voor iemand het was, maar dat lukte hem niet vanwege de menigte, want hij was klein van stuk. Daarom liep hij snel vooruit en klom in een vijgenboom om Jezus te kunnen zien wanneer hij voorbijkwam.
Toen Jezus daar langskwam, keek hij naar boven en zei: ‘Zacheüs, kom vlug naar beneden, want vandaag moet ik in jouw huis verblijven.’
Zacheüs kwam meteen naar beneden en ontving Jezus vol vreugde bij zich thuis.
Allen die dit zagen, zeiden morrend tegen elkaar: ‘Hij is het huis van een zondig mens binnengegaan om onderdak te vinden voor de nacht.’
Maar Zacheüs was gaan staan en zei tegen de Heer: ‘Kijk, Heer, de helft van mijn bezittingen geef ik aan de armen, en als ik iemand iets heb afgeperst vergoed ik het viervoudig.’
Jezus zei tegen hem: ‘Vandaag is dit huis redding ten deel gevallen, want ook hij is een zoon van Abraham.
De Mensenzoon is gekomen om te zoeken en te redden wat verloren was.’
Lucas 19:1-10

‘Ziet u mij???’ Zou Zacheüs dat gedacht hebben toen hij Jezus niet kon zien en dan maar vlug in een boom klom? Zijn nieuwsgierigheid bracht hem daar, om toch maar een glimp van Jezus op te vangen.

Maar wat er toen gebeurde overtrof zijn stoutste verwachting. Hij was gezien. En wanneer hem de vraag werd gesteld of Jezus zijn gast mocht zijn, was hij totaal overrompeld. Zoveel vriendschap had hij nog nooit gekregen, en zeker niet in zijn beroepsleven. Maar deze Jezus was helemaal anders. Zo werd Zacheüs – eerst afstandelijke toeschouwer – een betrokken iemand. Door zijn hart te openen koos hij ook resoluut voor een andere levensstijl. Zijn rijkdom was plots niet meer het belangrijkste.

Op welke Zacheüs lijken wij? Die van voor de ontmoeting of die van erna? Wij hebben Jezus al ontmoet dus zal het de tweede wel zijn. Dan is er de vraag hoever Jezus met zijn vriendschap in ons leven mag doordringen? Ik hoop toch verder dan de buitenkant. Tot in het diepste van ons zijn, tot in de kern van ons leven.

Psalm 6

De Here heeft mijn smeking gehoord, de Here neemt mijn bede aan.
Psalm 6:10

We horen hier een gelovige bidden die in grote nood is.

Een gelovige kan op twee manier beproefd worden. Het kan zijn dat God hem beproeft en hij kan door eigen schuld in de moeilijkheden raken. Als God beproeft, kan het hart rustig blijven vertrouwen op de uitkomst die de Heer zal geven. Maar wanneer iemand door eigen schuld in de problemen terechtgekomen is, dan is er ook geen rust meer in het hart.

Door zulke ervaring gaat de gelovige in deze psalm. Hij doet een beroep op de genade van God, terwijl hij tegenover de Here uitspreekt hoe ellendig hij eraan toe is. Hij doet dat omdat hij weet dat hij met een God te maken heeft die hem niet laat vallen. Hij vertrouwt erop dat er een eind komt aan zijn verschrikking.

Daarom zegt hij, niet verwijtend, maar vertrouwend: ‘Here, hoe lang nog?’ Hij wil nog graag blijven leven om de Here te loven tegenover de bedrijvers van ongerechtigheid om hem heen. Tegenover hen getuigt hij ervan de de Here zijn wenen en zijn smeking heeft gehoord. Ja, hij weet zeker dat de Here zijn bede heeft aangenomen.

Bij alle verdriet is dat een grote zekerheid: God geeft rust.

Groeien wij nog?

Sommige christenen zijn – geestelijk gezien – nog lang niet volgroeid. Door genade mogen ze een kind van God zijn, maar dat heb je het wel zo ongeveer gehad. Ze zijn baby’s gebleven in het geloof.

Hopelijk is het bij u anders en groeit en bloeit uw geloofsleven. Dan bent u werkelijk welgelukzalig, om het met een mooi woord uit de oude statenvertaling te zeggen.

Misschien verlangt u wel naar zo’n geloofsleven. Vroeger, ja, toen leefde u dichtbij de Heere Jezus. U wandelde met Hem, was vol van Hem. Maar nu…

Het is allemaal zo doods en dor geworden. U ervaart maar zo weinig van Hem. U hebt het gevoel dat u midden in de woestijn leeft. Wel vertrokken uit Egypte – net als ooit het volk Israël – maar nog ver verwijderd van Kanaän, het land vloeiende van melk en honing.

Tal van oorzaken kunnen het geestelijk leven van een christen in donkerheid hullen. Vele christenen zijn overal vol van, behalve van de Heere Jezus. Ze zijn vol van hun werk, van hun favoriete tv-series, van hun bankrekening, van internet en vul verder maar in. Sommigen denken dat ze het een en ander kunnen combineren. Een beetje God, af en toe een kort gebedje, een beetje Bijbel, maar ook heel veel wereld.

Denk niet dat ik u veroordeel. Ik zeg het ook tegen mezelf. Als ik kijk naar christelijk België, dan huilt mijn hart. Zit ik er ver naast wanneer ik zeg dat we vaak maar geestelijke tobbers zijn? Dat er geestelijk veel lauwheid is in ons leven, zoals de Heere Jezus ook tegen de gemeente in Laodicea zei.

Maar nu u lauw bent in plaats van warm of koud, zal ik u uitspuwen.
Openbaring 3:16

Verandering is echter mogelijk. De Loadicenzen werden opgeroepen tot bekering en die oproep komt ook tot ons.

Iedereen die ik liefheb wijs ik terecht en bestraf ik. Zet u dus volledig in en breek met het leven dat u nu leidt.
Openbaring 3:19

Het Evangelie is zo geweldig rijk! En onze Heiland, de Heere Jezus Christus, wil onz leven geven en overvloed.

Een dief komt alleen om te roven, te slachten en te vernietigen, maar ik ben gekomen om hun het leven te geven in al zijn volheid.
Johannes 10:10

Daarom wil ik met grote nadruk de Heere Jezus centraal stellen en Hem laten schitteren. Paulus zegt tegen de Galaten zelfs dat hij hun Jezus Christus als de Gekruisigde voor de ogen geschilderd heeft. Dat verandert mensen. Beter nog: Hij verandert mensen! Zodat we geestelijk gaan groeien. En waar ontmoeten we Hem? In de Bijbel, Zijn eigen Woord, dat levend en krachtig is!

Doen wij daar nog iets mee? Spreekt het ons nog aan, of zijn we tevreden met wat we hebben?